top of page

Ik doe een angst

Gerard kwam bij mij op consult en vertelde mij dat hij zich niet fit voelde en daardoor zijn presentatie voor een groot ziekenhuis niet durfde te houden. Hij was een respectabele arts, had een mooie onderzoek gedaan over een nieuwe geneeswijze met prachtige resultaten. Echter hij kon zich er niet toe zetten deze te publiceren en hierover te spreken. Ook niet toen hij door een universitair ziekenhuis was uitgenodigd om dit te doen. Men was onder de indruk van zijn bevindingen en wilde meer van hem weten. Alleen hij voelde zich niet fit en daardoor niet scherp of helder in zijn hoofd genoeg om te presenteren.

Hij wilde van mij weten hoe hij weer fit kon worden zodat hij zich goed genoeg kon voelen om deze en andere uitnodigingen te accepteren.

Ik luisterde naar hem en concentreerde mij op zijn energie. Het viel me op dat hij in zijn leven steeds wanneer hij kon stralen op wonderbaarlijke wijze ‘iets’ kreeg waardoor hij het toch niet deed. Ik vroeg hem of hij dat herkende. Hij knikte.

Ik keek verder en vond dat hij een heel slim, krachtig en integer mens was. Zijn hart zat op de juiste plek en hij had echt wat te brengen in de wereld!

Ik vroeg hem of hij naast een ‘niet fitje’ ook aan ‘angsten’ deed. Ik had besloten een deel van het gesprek te omzeilen en hem op een ‘andere’ manier te confronteren met wat ik zag. Hij trok zijn wenkbrauwen op en vroeg mij: ‘Of ik een wát, doe?’ Hij benadrukte het woordje “wat” en zijn stem sloeg wat over. Zijn verontwaardiging klonk door in zijn stem, terwijl zijn hersenen knarsten om te begrijpen wat ik hem nou vroeg.

Ik zei: ‘Een angst. Doe je ook een angst?’ Ik boog mijn lichaam iets naar voren, om hem vriendelijk aan te moedigen mij te antwoorden.

Hij fronste en een klein beetje beledigd zei hij: ‘Nou ik voel me wel angstig soms dat mensen me niet serieus zullen nemen en me zullen afwijzen, bespottelijk zullen vinden’

Ik keek hem aan en glimlachte ik zei vriendelijk: ‘Dus naast een “niet-fitje” doe je ook een “angst”’ met mijn vingers in de lucht maakte ik de apostroffen en met een glimlach om mijn lippen keek ik hem open en vriendelijk aan. Waarmee ik wilde zeggen: ‘Kijk eens wat leuk. We hebben iets ontdekt over jou!’

Hij keek me aan en ineens glimlachte hij terug, de spanning was doorbroken. Hij zei: “Ja als je het zo zegt, dat “doe” ik inderdaad!’ Ook hij maakte apostroffen in de lucht.

Toen we elkaar gevonden hadden in de energie brak het gesprek open. We onderzochten de herkomst van de angst en de symptomen rondom het niet fit zijn. Het waren beschermmiddelen tegen pijn en afwijzing. Hoewel Gerard ze als ‘zeer hardnekkig’ ervaarde, werden ze terwijl we erover spraken iets zichtbaarder en duidelijker als iets waar hij wat mee kon. Het was niet langer iets wat hem overheerste, maar het lag binnen zijn vermogen om ermee om te gaan. Iets waar hij naar kon kijken en wellicht mee kon spelen.

Ik gaf hem een beeldspraak weer: ‘Wat als “niet-fitje” en “angst” nou twee keffertjes (kleine hondjes) zijn die je in je enkel bijten. Dat doet zeer! Soms kun je ze van je af schoppen, maar soms bijten ze zich venijnig in je enkels vast. Dan zijn ze hardnekkig. Het belemmert je terwijl je loopt. Dat klopt. De keffertjes willen je thuis houden, waar ze lekker bij je op schoot kunnen zitten. Ze willen het liefst dat je nooit meer iets doet. Is dat fijn?’

‘ Nee dat is niet fijn!’

‘Hoe dapper zou het zijn wanneer je met de twee enkelbijtertjes aan je enkels toch dat podium oploopt! Je zegt: ‘Hallo allemaal, ik loop/spreek wat moeilijk want ik heb mijn angst om af te gaan en mijn niet-fitje mee genomen waardoor ik me niet 100% helder voel. Maar hier ben ik en als jullie mij een beetje willen helpen door niet al te vijandig te kijken, dan denk ik dat ik het wel red!’

Wanneer je erkent wat er is kun je ermee omgaan! Door mijn beeldspraak (en eerlijk gezegd deed ik het ook letterlijk voor, door moeizaam door mijn praktijk heen te strompelen, met twee denkbeeldige keffertjes aan mijn enkels die ik ondertussen probeerde af te schudden. Hierdoor moest Gerard een beetje lachen.) Gerards perfectionisme was zijn kwaliteit en ook zijn valkuil. “Doen” voordat hij vond dat hij er klaar voor was, was voor hem nieuw en onwennig. Toch wist ik dat deze vorm van exposure, zijn angst zou doorbreken en hem kracht zou geven!

Daarnaast heb ik Gerard ook geadviseerd om nog een keer terug te komen om met behulp van hypnose zijn keffertjes samen te transformeren in iets meer helpends! Want tja vrij leven is toch gewoon veel fijner!

Comments


|

bottom of page