Hoe het begon
- Tessa van Rossen
- 21 uur geleden
- 3 minuten om te lezen

In 2005 merkte ik dat ik automatisch kon schrijven. Niet omdat ik dat zo had bedacht, maar omdat mijn hand het ineens zelf deed. Kort daarna begon ik ook automatisch te spreken. Dat vond ik eerlijk gezegd… raar.
Niet dat ik onbekend was met andere vormen van waarnemen. Ik kon praten met bomen en dieren. Ik voelde dingen in mensen hun lijf, kon ziekte ruiken, spanning aanwijzen zonder dat iemand iets zei. Ik had contact met overledenen. Dat hoorde voor mij al lang bij mijn werkelijkheid.
Maar dat er iets — of iemand — zo rechtstreeks door mij heen kon spreken, dat vond ik toch van een andere orde.
De stem die sprak was vreemd melodieus. Bijna robotachtig. Niet emotioneel, niet persoonlijk, maar heel precies. En de inhoud… die blies me van mijn sokken. Er kwamen complete verhalen door over planeten en uitlijningen, kosmische lichamen, de kosmische mens. Over verbanden die ik niet kende, concepten die ik niet kon plaatsen.
Ik vond het boeiend. En tegelijkertijd onwerkelijk.
Het leven ging ondertussen gewoon door
In die periode had ik drie kleine kinderen. Twee nog in de luiers. Ik stond vlak voor de scheiding van de vader van mijn oudste kinderen en probeerde vooral mijn hoofd boven water te houden. Het leven was intens, praktisch, rauw.
Er was weinig ruimte om zulke grote, abstracte doorgevingen een plek te geven. Ik kon er simpelweg niet zoveel mee. Toch kwamen ze. Niet constant, maar elk jaar weer, een paar momenten. Ik voelde een aanraking in mijn brein en wist: nu kan ik doorgeven.
Als ik terugkijk, was het eerste echte contact met dit collectief eigenlijk al in 1997. Op vakantie kreeg ik een ervaring die ik alleen maar kan omschrijven als een openbaring. Ik voelde me één met de kosmos, met het collectief, met alle informatie die er was.
Ik voelde me extreem licht. Alsof ik letterlijk gewicht verloor. Ik had het gevoel dat ik overal vragen over kon stellen en dat alle antwoorden beschikbaar waren. Mijn armen bewogen als vanzelf. Mijn gezicht bewoog zonder dat ik er moeite voor deed.
Een vriendin die bij me was, voelde een krachtige energie. Ik kon haar antwoorden geven op vragen waar ik normaal nooit zo over nadacht. Het ging vanzelf.
In de jaren daarna kwamen de channelingen dus terug. Maar ik was ook heel goed geworden in "normaal doen". In me aanpassen. ik deelde di soort ervaringen alleen met een paar mensen die ik echt vertrouwde.
We channelden regelmatig samen, al begreep ik lang niet alles wat er doorkwam. Dat was misschien wel het meest frustrerende. Ik moest de doorgevingen vertalen naar menselijke taal, naar een wereld waarin we gewend zijn klein te denken.
Hoe leg je grote kosmische concepten uit, terwijl ons bewustzijn hier zo verdicht is? Zo gefocust op het dagelijkse, op overleven, op structuur en methode?
Ik bedoel dat niet lullig. Het is gewoon wat ik zie: we gebruiken maar een fractie van onze bewustzijnscapaciteit. Dat vind ik soms pijnlijk. Ik verlang naar verbinding op bewustzijnsniveau.
Ik heb jarenlang bewogen in andere energievelden. Toen ik voor RTL4 meedeed aan Het Zesde Zintuig, sprak ik met vermoorde mensen. Meerdere keren probeerden zij via mijn lichaam te spreken. Dat deed me letterlijk pijn.
Van sommige afleveringen moest ik maanden herstellen.
Ik begreep toen nog niet goed wat er gebeurde. Nu weet ik dat ik een fysiek-medium ben. Ik kan mijn lichaam ter beschikking stellen. Maar ik heb ook geleerd dat niet elke vorm van contact voedend is.
Het fijnste — en het gezondste — is communiceren met het hoogste bewustzijn dat ik kan toelaten. Dat laadt mijn lichaam op. Dat doet geen pijn.
Daarom communiceer ik nu niet meer met overledenen, tenzij er echt nood is. En ik begeef me niet meer in moordzaken. Ik voel dat ik meer kan bijdragen door me open te stellen voor andere energieën
ik ga daar nu bewuster mee om.




Opmerkingen